AE-featured-1

Vincent van Gogh schilderde De Aardappeleters in april/mei 1885. Hij woonde toen onder andere bij zijn ouders in Nuenen. Voordat Vincent aan zijn grote werk begon, had hij eerst twee voorstudies gemaakt. De eerste studie had nog weinig diepte, omdat het meisje op de voorgrond (de zogenaamde “repoussoir”) ontbrak. Bij de tweede studie voegde Vincent het meisje op de voorgrond toe. Door telkens dingen erbij te zetten of te ‘verschuiven’ werkte Vincent steeds meer toe naar de ingenieuze code die zich zo mooi in de definitieve versie manifesteert.

Deze definitieve versie (afgebeeld bovenaan dit artikel) bevindt zich in het Van Gogh Museum in Amsterdam. Een eerdere versie van het werk, eigenlijk niet meer dat een voorstudie in olieverf, is te vinden in het Kröller-Müller Museum in Otterlo. Vincent produceerde ook een litho van zijn werk.

In maart en begin april 1885 en mogelijk ook al in 1884, maakte Vincent een groot aantal voorbereidende schetsen. Half april begon hij met schilderen, waarna het schilderij begin mei klaar was. Later voegde Vincent nog wat kleine verfstreken toe om het werk in zijn ogen te vervolmaken.

De armoede straalde van het werk af. Mogelijk verwees Vincent met zijn schilderij mede naar zijn kort daarvoor overleden vader, dominee Theodorus van Gogh. Die werkte voor de Maatschappij van Welstand, een organisatie die was voortgekomen uit de vroegere Tafel van de Heilige Geest. Deze “Tafel” zorgde er in thans vervlogen tijden voor dat arme mensen werden voorzien van hun eerste levensbehoeften. De mensen die de verzorging in goede banen leidden, heetten “dis-meesters”. Zag Vincent zichzelf hier zo? Als “meester” (kunstschilder) van de “dis” (= maaltijd)?

Hoe het ook zij, het schilderij “De Aardappeleters” geeft een beeld van een aardappelmaaltijd in, zoals men vermoedt, de huiskamer van de familie De Groot/Van Rooij in hun boerderij aan de tegenwoordige Gerwenseweg 4 in Nuenen. De vrouwen met de knipmuts (poffer) waren moeder en dochter. De moeder, Cornelia de Groot-van Rooij, was de vrouw die de koffie (en thee) uitschonk. De dochter heette Gordina, zij was in verwachting. Veel roddelende dorpsbewoners vermoedden destijds dat Vincent daar meer van afwist. De twee mannen, links Francis van Rooij (1827-1893) en rechts Anthonie van Rooij (5 januari 1823 – 13 maart 1908), behoorden tot de familie en woonden ook op de boerderij.

De boerenmeid op de voorgrond heeft een tweeledige functie. Zoals later in dit artikel zal blijken, heeft Vincent haar in het werk via een bijbeltekst gecodeerd als klein kind (kleinkind) en refereert hij aan het toekomstige oma-schap van Cornelia. Haar dochter Gordina was immers in verwachting. De tweede functie is van technische aard: Vincent heeft het kind toegevoegd als repoussoir, oftewel als een techniek om diepte in het werk aan te brengen.

Het onderwerp van het schilderij was actueel in Vincents tijd. Hij werd geïnspireerd door onder andere het werk van de Nederlandse schilder Jozef Israëls, de Belgische kunstschilder Charles de Groux en de Franse realistische schilder Jean-François Millet. Vincent wilde – naar de buitenwereld toe – het realisme van Millet overnemen door de ellende en hopeloosheid van arme boeren te verbeelden. Toch wilde hij binnen dat realisme een eigen stijl ontwikkelen. In tegenstelling tot Millet vond Vincent dat de boeren méér dan waarheidsgetrouw weergegeven moesten worden, dat wil zeggen met nadruk op vooral de ruwe trekken van hun handen en gezichten. Door dit extra te accentueren gaf Vincent zijn schilderij een zekere mate van maatschappijkritiek mee.

Nadat Vincent het werk naar zijn broer Theo in Parijs had gestuurd, werd het door andere schilders beoordeeld. De opvattingen liepen uiteen, maar van de schilder Charles Emanuel Serret is bekend dat hij vond dat Vincent Millet had overtroffen, met name in expressief opzicht.

Wat niet meteen duidelijk is als men dit schilderij bekijkt, is dat Vincent er heeft talloze codes in heeft verwerkt. Dat moet worden gezien als een bijkomstig geheim project, waarvan slechts weinigen in de omgeving van Vincent op de hoogte waren.

Een eenvoudig anagram

Er bestaan moeilijke codes en makkelijke codes. De code op “De Aardappeleters”, die de inleiding vormt tot een hele reeks geheime inhoud, is makkelijk en in wezen niet meer dan een eenvoudig anagram. Om een anagram te vervaardigen dienen we eerst een of meerdere woorden te vinden waaruit dat te maken is. Dat zijn de kernwoorden, het thema, daar waar het tafereel om draait.

Op het schilderij is een duidelijke tweedeling zichtbaar. Links zie je twee relatief jonge mensen die aardappels eten. Rechts de twee oudere personen die koffie drinken. Zij drinken trouwens ook thee, dat is onderdeel van Vincents code, daar kom ik later in dit artikel op terug. In het midden, op de rug gezien, een meisje dat jong (links) en oud (rechts) met elkaar verbindt. Daarmee raak ik meteen de kern van waaruit een anagram kan worden vastgesteld.

Samengevat gaat het om een maaltijd waarbij twee zaken die je tot je kunt nemen, centraal staan: de aardappel en de koffie.

Volgens het Chronologisch woordenboek (2001) van Nicoline van der Sijs kwam het woord “koffie” al in 1640 voor, afgeleid van een Turks woord. Zeker nog tot aan het eind van de 19de eeuw werd het woord tevens als “koffij” geschreven. Dat geldt trouwens ook voor Vincent van Gogh, die het woord “koffij” meerdere malen in zijn brieven gebruikte.

Hoewel er ook sprake is van thee, beperk ik mij hier tot de koffie. Vincent laat de “thee” in dit stadium nog op de achtergrond. Maak ik vervolgens een anagram van “aardappelkoffie“, dan vind ik: “koppel affaire ad“.

Zoals uit het hiernavolgende blijkt, moet Vincent dit bewust zo in zijn werk hebben aangebracht. Dat verklaart meteen de ongebruikelijke combinatie van tegelijkertijd aardappels eten en koffie drinken.

Het in het anagram gevonden woord “koppel” moeten dubbelzinnig worden gezien. Enerzijds kan er sprake zijn van een affaire met een koppel in het jaar 1885 (AD 1885). Zoals hiervoor al aangegeven, was de jonge vrouw op het schilderij (Gordina) zwanger en door sommigen, aangevoerd door de pastoor, werd Vincent ervan verdacht daarvoor verantwoordelijk te zijn. Dat zou dan met recht een vervelende (dorps)affaire betekenen.

Anderzijds kan het woord “koppel” gezien worden als een woord dat aanzet tot het verbinden met iets. In dit geval dus “affaire” en “ad“.

Het verbinden met iets suggereert het voegwoord “en“. Het gaat immers om twee zaken die met elkaar worden verbonden. Dat zou betekenen dat het bovenstaande anagram moet zijn “koppel affaire en ad”. Om tot dit anagram te komen dient het uitgangspunt niet “aardappel koffie” te zijn, maar “aardappelen koffie”. Hiermee ontstaat een nuanceverschil tussen het woord “aardappeleters” (1 aardappel) en “eters van (meerdere) aardappelen”. Beide mogelijkheden kunnen dus van toepassing zijn, wat dit in al zijn eenvoud tot een krachtige code maakt.

Ik verbind aldus “affaire” en “ad“. De “affaire” is hier het tafereel, of de aangelegenheid, de maaltijd. In de Franse taal komt dit duidelijker naar voren. Het begrip “affaire de famille” kan worden vertaald met “familie-aangelegenheid”. De personen op het schilderij waren familie van elkaar. En Vincent kon het Frans goed spreken. In zijn tijd als leerling-kunsthandelaar had hij enige tijd in Parijs gewerkt. Binnen dit kader zal verderop in dit artikel te zien zijn dat Vincents schilderij een link bevat naar de Zuid-Franse stad Arles.

Het woordje “ad” is de afkorting van “Anno Domini” (in het jaar des Heeren) voorafgaand aan een jaartal na Christus. Maar “AD” heeft een tweede betekenis. Het zijn ook de initialen van Albrecht Dürer. Wat deze Duitse kunstenaar te maken heeft met “De Aardappeleters” leg ik hierna uit.

Een magisch vierkant

Vincent van Gogh heeft op zijn schilderij De Aardappeleters nogal wat zaken verhuld. Veel valt af te leiden uit de kleine ruiten achter aardappeleter Anthonie:

Het zal snel duidelijk worden dat dit niet zomaar wat ruiten zijn, maar dat zij een geheime projectie vormen van het magisch vierkant dat de Duitse kunstenaar Albrecht Dürer (1471-1528) heeft aangebracht in zijn koper-ets Melencolia I uit 1514.

Om dit verder toe te kunnen lichten, dien ik de personen op het schilderij als compositie te beschouwen. Je ziet daarbij vier gezichten in het licht. Zoals al eerder aangegeven, staat op de donkere voorgrond een vijfde figuur, een zogeheten “repoussoir”. Dit Franse woord is afgeleid van het werk woord “repousser”, waarvan de vertaling “terugduwen” is.

Dat is hier dan ook de functie van: de vier personen in het licht worden door de figuur op de voorgrond als het ware teruggeduwd naar achteren. Daardoor ontstaat er diepte in het schilderij.

Eigenlijk kan worden gesproken van een terugduwster (van het) viertal. Hiervan kan een anagram worden gemaakt:

terugduwster viertal = ets durer ruit valt weg

Kennelijk verdienen de ruiten in het venster achter boer Anthonie onze aandacht, doordat ze (deels?) achter hem wegvallen c.q. voor een deel niet zichtbaar zijn. 

Voor de oriëntatie wordt het schilderij (bron: Wikimedia Commons) hieronder nog eens groot afgebeeld:

Waar het om gaat is wat hier feitelijk te zien is, namelijk de verhouding 1-4 (1 persoon donker op de voorgrond, vier personen licht op de achtergrond). Dezelfde verhouding 1-4 is terug te zien in de kopjes. Anthonie houdt 1 leeg (dus qua gewicht licht) kopje omhoog, terwijl er 4 gevulde kopjes koffie en thee op tafel staan. Naast de getalsverhouding 1-4 geeft Vincent hier licht-donker aan, oftewel wit-zwart.

Wat Vincent bedoelt aan te geven met 1-4, zijn de letters A en D naar hun rangnummer in het alfabet. Met de genoemde cijfers wordt de affaire (de familiaire eet-aangelegenheid) GEKOPPELD  aan de A en de D.

Op De Aardappeleters zijn de letters AD samengevat op twee verschillende manieren uit te leggen: 1) als de initialen van Albrecht Dürer: AD en 2)  als een verwijzing naar een jaartal op een relevant kunstwerk van Dürer: de zwart-witte ets Melencolia I. Daarop staat midden onderin in het magisch vierkant het jaartal 1514 vermeld, dus: (AD) 1514.

Op de achtergrond van de ets (afbeelding onder) van Dürer is een hemelboog zichtbaar en een ondergaande zon. Rechtsboven, aan een muur en onder een bel, bevindt zich een magisch vierkant dat qua vorm en positie ook een raam zou kunnen zijn. De op een engel gelijkende vrouwenfiguur ondersteunt met haar linkerarm haar vermoeide, nogal chagrijnig kijkende hoofd. Zij houdt een passer vast aan een punt en om haar heen liggen allerlei attributen, die stuk voor stuk wijzen op wetenschap, tijd, geometrie, arbeid, ambachten, kunst en liefde. Alles wijst op een gekwetste geest wat wordt veroorzaakt door de melancholie. Ten voeten uit symbolisch voor Vincent, die kennelijk zijn hele korte leven lang werd geplaagd door depressies en melancholie.

De betreffende ets (bron: Wikimedia Commons), met het magisch vierkant uitvergroot en het jaartal geaccentueerd:

Het vierkant wordt magisch genoemd vanwege de constante factor 34. In mijn artikel over de zuidgevel van Kasteel Geldrop komt dit getal ook terug, via de 3 respectievelijk 4 ramen van het middendeel aan de zuidkant van het kasteel. We zagen dat het virtuele getal dat door deze ramen wordt gevormd, in code afgezet op het Eeuwig Edict, verwijst naar het woordje “aen” (wet 3, woord 4). Naar het rangnummer van de letters in het alfabet is a-e-n: 1-5-14, aaneengesmeed 1514.

Met dit in gedachten kan een verband worden vastgesteld tussen de ramen (glas) van Kasteel Geldrop, de ruiten (glas) in het raam van de ruimte waarin de aardappeleters zich bevinden, de repoussoir op het schilderij en in het verlengde daarvan het magisch vierkant van Dürer.

De constante factor 34 in het magisch vierkant wil zeggen dat hoe je de getallen in het vierkant ook bij elkaar optelt, je altijd dezelfde uitkomst krijgt. Horizontaal, verticaal, diagonaal, de vier vakken in het midden, de vier vakken linksboven, rechtsboven, linksonder en rechtsonder, bij het optellen is de uitkomst altijd 34.

Vincent heeft in De Aardappeleters het magisch vierkant van Dürer, met de 4² = 16 vakken, overgenomen door middel van de kleine vensterruiten in het raam achter Anthonie. Er zijn daar echter maar 11 ruiten zichtbaar:

 

Worden de lijnen rond de ruiten achter Anthonie echter doorgetrokken, dan blijkt in werkelijkheid toch sprake van 16 ruiten.

In plaats van het zichtbare oneven aantal ruiten (11), is er dus in werkelijkheid sprake van een even aantal (16). Dit gegeven is belangrijk binnen de Code; in deel 2 van dit artikel kom ik terug op het EVEN (aantal) RUITEN.

Het moge duidelijk zijn dat de getalcombinatie 16/11 duidt op het Eeuwig Edict van 1611 waarnaar een verwijzing is te vinden aan de zuidgevel van Kasteel Geldrop. Wilde Vincent hiermee zeggen dat hij zijn Aardappeleters niet in een boerenhut in Nuenen, maar in het kasteel van Geldrop heeft geschilderd? In een kamer aan de zuidkant van het kasteel? Of was de vermelding alleen noodzakelijk om te wijzen op het gebruik van het Eeuwig Edict als code (wet x, woord x)?

Hoe het ook zij, hieronder is het magische vierkant van Dürer op de geschilderde ruiten achter Anthonie geprojecteerd en zijn de achter hem “verborgen ruiten” ingetekend als grijze cijfers en getal:

Het hoofd van Anthonie (inclusief pet en uitstekende haren) bedekt links onderin het vierkant een deel van de ruiten, dat wil zeggen de verborgen ruiten die met de grijze cijfers en het getal worden aangeduid.

Anthonius de Kluizenaar

De reden waarom Vincent in zijn werk gebruik heeft gemaakt van het magisch vierkant van Dürer wordt hierna duidelijk. Ik vervolg mijn uitleg nu met iets dat zich op het schilderij “onder de pet” bevindt. Dat is een bekende uitdrukking: “iets onder de pet houden” betekent “iets geheimhouden, niet openbaren”.

Op de afbeelding is duidelijk de pet van Anthonie zichtbaar met daaronder verborgen de cijfers 9 en 6 uit het magisch vierkant van Dürer. Deze cijfers hebben een dubbele betekenis, dat wil zeggen dat ze vanaf twee kanten kunnen worden gelezen: van links naar rechts als 9-6 en van rechts naar links als 6-9.

Ik bekijk nu eerst de “links-naar-rechts”-optie door de cijfers 9 en 6 af te zetten op het Eeuwig Edict (check):

Wet 9, het 6de woord = temeriteyt

“Temeriteyt” is een anagram van “tyt eremiet

Een ander woord voor “eremiet” is “heremiet“. Dat staat onder meer voor “kluizenaar”. Een beroemde kluizenaar was Anthonius van Egypte, die ook wel Anthonius-Abt. Anthonius-Heremiet of Anthonius de Kluizenaar werd genoemd.

Anthonius-Abt was de grondlegger van het kloosterleven. Daarnaast gold hij als patroon van lijders aan huidkwalen. De Orde der Antonieten had als kenmerk het Tau-kruis (Tau = Griekse letter T).

Antoniet met Tau-kruis
Portret van een Antoniet door Jan van Eyck (1423), met een T-kruis als hanger aan een ketting om zijn nek. (Wikimedia Commons)

Het wordt nu duidelijk waarom Vincent uitgerekend aardappeleter Anthonie van Rooij (voornaam afgeleid van Anthonius) voor het raam heeft laten poseren.

Nu begrijp je ook dat het kopje dat boer Anthonie vragend omhoog houdt, bedoeld is om gevuld te worden met thee, oftewel de uitspraak van de letter “T” van het T-kruis.

kopje thee, graag
Een kopje T, graag

Hiervoor leidde ik het woord “eremiet” af uit “Temeriteyt”. Wat dan resteert, is het woordje “tyt“. Eind 16de, begin 17de eeuw werd ons moderne woord “tijd” geschreven als “tyt“. Hiermee wordt geduid op vroeger, in dit verband dus op een heremiet van vroeger: Anthonius-Abt. Maar het is tegelijkertijd een verwijzing naar de klok linksboven op het schilderij. Hierop gaan we later in dit artikel in.

In het Frans staat “de kluizenaar” voor “l’hermite“. Vijf maanden na het schilderen van “De Aardappeleters” schreef Vincent op 4 oktober 1885 (vangoghletters.org – brief 533) aan zijn broer Theo dat hij “Lhermitte Septembre” had ontvangen. Dit werk – Vincent vond het prachtig – was onderdeel van een maandelijkse serie tekeningen en schilderijen van de hand de Franse schilder Léon Augustin Lhermitte (1844-1925). Al in 1883 schreef Vincent regelmatig over deze kunstenaar, die zich toelegde op zwart en wit (met houtskooltekeningen).

Saillant detail over Anthonius Abt: delen van het skelet van deze heilige zouden zich als relikwie bevinden in de Sint-Juliuskerk in Arles, Zuid-Frankrijk, de stad waar Vincent ongeveer drie jaar na het schilderen van De Aardappeleters zou gaan wonen.

Overigens kan in dit verband een aardig Franstalig anagram van het woord “aardappeleters” worden gemaakt:
Arles par adepte (= vertaald: Arles via ingewijde).

Anthon van Rappard

Op het eerste gezicht onwaarschijnlijk, maar het is toch waar: in de initialen van een schildervriend van Vincent is ook een verwijzing naar Anthonius-Abt verborgen. Vincent stuurde een litho van De Aardappeleters naar zijn vriend en kunstschilder Anthon Gerard Alexander van Rappard. Die raakte kennelijk wat geïrriteerd toen hij vernam op welke manier de initialen van zijn naam in het schilderij betrokken waren geraakt. De eerste letters van zijn voornamen waren namelijk A.G.A., vertaald naar hun rangnummer in het alfabet als 1.7.1, met behulp van de recreatieve wiskunde genomen als datum 17-1 of 17 januari = de naamdag van de heilige Anthonius!

Vincent etaleerde zijn uit adellijke kringen afkomstige vriend, weliswaar alleen voor ingewijden, daarmee als boer Anthonie. Uit een vorm van wrok maakte Van Rappard het werk van Vincent in een brief nogal belachelijk. Het leidde tijdelijk tot enige afstand tussen beide kunstenaars. In een later stadium werd de vriendschap weer hersteld, want een paar jaar erna paste Vincent op zijn schilderij “Sterrennacht” (1889) precies hetzelfde principe opnieuw toe, nu (ter compensatie?) op een wat elegantere wijze.

6-9 van rechts naar links

Ik draai de leesrichting van de cijfers “onder de pet” van Anthonie nu om tot 6-9. Daartoe bekijk ik eerst de “rechts-naar-links”-optie door de cijfers 6 en 9 af te zetten op het Eeuwig Edict (check):

Wet 6, het 9de woord = in

De uitkomst “in” suggereert een plaatsnaam. Zou hier hier om een coördinaat gaan? Als dat het geval is zou het een lengtecoördinaat moeten zijn. De breedtegraad in bijvoorbeeld Nuenen is 51°28′, wat te veel afwijkt als we voor 6°9′ zouden kiezen. We nemen dus 6°9′ oosterlengte en raadplegen Google Earth.

Dan blijkt dat we ineens heel dicht uitkomen bij de oorsprong van de familie Van Gogh, namelijk bij de Duitse stad Goch, die zich exact op de genoemde lengtegraad bevindt.

De oplossing via het Eeuwig Edict van de combinatie 6-9 wordt hiermee: in Goch. Kennelijk wordt gesuggereerd dat we op zoek moeten naar “iets” in Goch. Zou via de breedtegraad een plaats kunnen worden bepaald? Het is niet meteen duidelijk wat daarmee kan worden bedoeld. Maar als ik naar het Bahnhof (station) van Goch navigeer, wordt alles ineens duidelijk.

Iets ten noorden van het station bevindt zich de breedtegraad 51°41′, wat een cijfer-anagram is van het jaartal op het magisch vierkant van Dürer: 1514.

Nu we op deze manier redenerend zo nadrukkelijk uitkomen bij de spoorlijn, wordt het interessant te weten aan welke lijn Goch ligt en welke plaatsen daarmee met elkaar worden verbonden.

Goch blijkt te liggen aan de spoorlijn Krefeld-Kleef die op 5 maart 1863 werd geopend. Opvallend is dat de namen van beide steden met een letter “K” beginnen. In het alfabet heeft de “K” het rangnummer 11, zodat hier met K K = 11 11 een verwijzing naar de vier bovenste muurankers van kasteel Geldrop kan worden verkregen.

De hierboven vermelde breedtecoördinaat ligt boven (= ten noorden van) het station van Goch. Daarmee is het een ‘instructie’ om de lijn naar het noorden toe te volgen. Het eerstvolgende station in noordelijke richting is Pfalzdorf, geopend in 1878. Ook dit station ligt op de lengtegraad 6°9′. 

Pfalzdorf valt onder Goch en is oorspronkelijk een protestantse enclave in katholiek gebied. Het dorpje werd gesticht in de 18de eeuw door protestanten uit Bad Kreuznach en Simmern in de Keurpalts. Zij waren eigenlijk van plan om via de Nederlanden naar Amerika te reizen. Aan de grens, bij de Schenkenschans in Kleef, werd de groep echter de doorgang geweigerd.

Men bleef aldus min of meer gedwongen achter in een gebied in het noorden van de gemeente Goch. Daar mocht men zich in 1741 vestigen op een hooggelegen stuk heide dat hen werd toegewezen. Onder de boerderijen die ze vervolgens bouwden (naar bouwregels uit Kleef) ontstonden onder andere enkele T-boerderijen. Dit type is kenmerkend voor het Duitse Nederrijnse gebied, maar komt ook voor in de Nederlandse Betuwe.

Boerderijen die van bovenaf gezien in de vorm van een hoofdletter “T” zijn gebouwd, zijn in dit verhaal interessant vanwege de eerder genoemde heilige Anthonius. In de iconografie wordt Anthonius zoals hierboven al aangegeven vaak afgebeeld met een T-kruis, waarbij de “T” is afgeleid van de Griekse letter “tau“.

De T-boerderij heet in het Duits een “T-HAUS“. We zien dat zich in dit woord de letters T-A-U bevinden. Door deze letters uit het woord “T-HAUS” te filteren, dan blijft “HS” over: de Nederlandstalige afkorting van Heilige Schrift (de Bijbel).

De Bijbel kan beslist in verband worden gebracht met Anthonius. Na de dood van zijn ouders (rond 250 na Chr.) las Anthonius volgens de legende namelijk hoofdstuk 19 vers 21 van het Mattheüs-evangelie:

Jezus zeide tot hem: Zo gij wilt volmaakt zijn, ga heen, verkoop wat gij hebt, en geef het den armen, en gij zult een schat hebben in den hemel; en kom herwaarts, volg Mij. (bron: Statenvertaling.net)

Anthonius besloot dit vers op 20-jarige leeftijd persoonlijk op te vatten en letterlijk te volgen. Hij gaf alles wat hij had aan de armen en trok zich als kluizenaar in eenzaamheid terug aan de rand van de woestijn. Daar bleef hij twintig jaar lang bidden, vasten en boeten.

De vraag is nu wat Vincent hiermee bedoelde. Via een coördinaat op een magisch vierkant en een bouwvorm van boerderijen zijn we aangekomen bij een Bijbeltekst die verband kan houden met de heilige Anthonius, via Mattheüs 19:21. Het antwoord wordt gevonden in het Eeuwig Edict, waarop ik 19:21 afzet (check):

Wet 19, het 21ste woord = POSEERT

Hiermee wordt bevestigd dat het inderdaad boer Anthonie met zijn van Anthonius afgeleide naam is die op het schilderij “De Aardappeleters” poseert voor Vincent!

De V van Vincent

Thans ga ik verder met de getalcombinatie 55 en 33, zoals behandeld in mijn artikel over de westgevel van Kasteel Geldrop. Daar gaf ik al aan dat er een verband moest bestaan met Vincents schilderij “De Aardappeleters”.

Inmiddels wetende dat 55 kan staan voor EE (Eeuwig Edict), ging ik in dat artikel op zoek naar de betekenis binnen het Eeuwig Edict (c.q. de code die Vincent van Gogh gebruikte). De combinatie 3 3 bleek te staan voor “de derde wet, het derde woord“. Dat was “ernstelyck” (check), wat het anagram is van “trek lyn ces“. Deze lijn zal ik nu, met behulp van het magisch vierkant van Dürer, op het schilderij De Aardappeleters gaan trekken.

Twee letters binnen “ces” kunnen worden geplaatst in het magisch vierkant: de “c” en de “e“, naar hun 3de en 5de rangnummer in het alfabet. De “s“, met rangnummer 19 in het alfabet, valt daar in eerste instantie buiten. Het vierkant heeft immers maar 16 vakken. De cijfers 3 en 5 komen terug in de balken aan de zoldering, als “herinnering” aan het wapen van Van Sprangh. Helemaal rechts is een nauwelijks zichtbare 6de balk, van waaruit de lijn moet worden getrokken.

Hoe dat werkt blijkt uit de onderstaande afbeelding. Ik trek een lijn over de 6de “onzichtbare” balk en raak daarbij “c e” = “3 5“, in de richting van het voorwerp waarin een letter “s” kan worden teruggevonden, namelijk de stoel waarop boer Francis van Rooij zit. Vanuit dit punt “s” gaat een nieuwe lijn naar de sec(ondenwijzer) op de klok. Alle informatie over de klok volgt in deel 2 van dit artikel.

 

Er is nu een schuine lijn gevormd door vanuit de 6de balk de cijfers 3 en 5 te passeren. De som daarvan is 8. In combinatie met de letter “s” en “8” geschreven in letters, ontstaat nu “s acht“, het anagram van “schat“. Vincent gebruikt dit op deze manier als een bevestiging van het woord “schat” in de bijbeltekst Mattheüs 19:21, zoals die hierboven is aangehaald in verband met de heilige Anthonius.

Door vanuit de letters “c e” (c.q. de cijfers 3 5) via de letters “s” naar de secondewijzer op de klok te gaan, is de letter V ontstaan, de V van Vincent. Maar ook de 22ste letter van het alfabet, want: 55-33 = 22. Door tweemaal de letter “s” te gebruiken (de “s” van stoel, plus de schotel die ook door de lijn wordt geraakt), ontstaat “ss“, de afkorting van solis sacerdotibus (Latijn voor “alleen voor ingewijden”).

Door in eerste instantie de letter “s” van “stoel” te gebruiken, blijven de letters “t-o-e-l” als het ware over. Zij duiken opnieuw op als de lijn tussen de ets van Dürer en de stoel wordt bestudeerd:

We zien hier een lijn van “ets” naar “toel“. Samengevoegd: “etstoel“.

De et-stoel vormde tot het einde van de 18de eeuw het hoogste rechtscollege in Drenthe. De et-stoel als gerechtelijke organisatie was samengesteld uit 24 etten (rechters).

Vincent verwijst hier dus naar Drenthe, waar hij van september tot december 1883 had vertoefd. Maar ook naar Etten, waar hij laatstelijk in 1881 had gewoond en waar zijn vriend Anthon van Rappard bij de familie Van Gogh had gelogeerd. Hoewel de aardappeleters op het schilderij wel degelijk waren samengesteld uit leden van een boerenfamilie in Nuenen, wilde Vincent hier onder meer mee zeggen dat dezelfde scène (arme boeren) ook heel goed op andere delen van Nederland kon slaan.

Lees verder (deel 2)